De snor is een broedvogel van dichtbegroeide oevers van meren,
moerassen en kreken, die zijn nest bouwt in overjarig riet of kruidachtige
vegetaties die in het water groeien.
Kenmerken
Loopt
over bodem en liggend riet en zingt gewoonlijk vanaf rietstengel.
Het voedsel bestaat uit kleine ongewervelden, die uit de vegetatie
of van de grond worden gesnapt.
Trek
Snorren zijn trekvogels en brengen de winter door ten zuidoosten van
de Sahara. Bij ons te zien vanaf eind maart tot begin oktober.
Aantallen
Duidelijke afname van de Nederlandse broedpopulatie. Het is niet
geheel duidelijk in hoeverre de afname van de snor van doen heeft
met problemen in de trek- en overwinteringsgebieden. Zeker is dat
het onnatuurlijk waterbeheer ('s winters laag en 's zomers hoog)
van veel door agrarisch gebied omgeven binnenwateren een rol speelt,
evenals verdroging en verruiging van oevervegetatie en - plaatselijk
- het omzetten van rietranden in akkerland. Daarnaast kan de toename
van water- en oeverrecreatie en exploitatie van riet plaatselijk
van belang zijn. Een goed en zo natuurlijk mogelijk beheer van oevervegetaties
en rietlanden biedt de soort op ter- mijn de beste kansen. Waar
riet gemaaid moet worden, verdient gefaseerd maaien de voorkeur.
De afname van de soort wordt waarschijnlijk versterkt door de steeds
verdere versnippering van zijn leefgebied. Vergroting van de hoeveelheid
moeras door natuurontwikkeling kan hiervoor een oplossing bieden.