Broedt in Oost-Europa, in kolonies (zelden alleen),
in open terrein met boomgroepen op steppen, bij weiden en in open
riviervalleien.
Kenmerken
Middelgrote valk, qua silhouet herinnerend aan zowel Torenvalk als Boomvalk, afhankelijk van inschatting van staartlengte.
Actieve vlucht vaak als Torenvalk met vrij losse vleugelslagen, maar
vangt in vlucht insecten zoals Boomvalk. Bidt vaak, landt op de grond,
loopt, bidt weer. Adult mannetje onmiskenbaar: unieke combinatie van
donker blauwgrijs lichaam en vleugelveren, dofrode 'broek' en onderstaartdekveren
en lichte, zilvergrijze bovenzijde van slagpennen. Washuid en poten
diep oranje. Gebruikt oud kraaiennest (vaak in Roekenkolonie). Eet
voornamelijk insecten.
Trek
Zomergast (april-september), overwintert in Afrika.
Aantallen
Bij ons zeldzaam, maar in sommige jaren influx van 100en, vooral in mei.