Broedt in dicht, vochtig, schaduwrijk loofbos, vaak
op vochtigere plaatsen dan Nachtegaal, vooral in hazelaars, struikgewas
en oevervegetatie. Ook in dicht begroeide parken en tuinen.
Kenmerken
Dit is de nachtegaal van Noord- en Oost-Europa. Hybridiseert
op plaatsen met Nachtegaal waar verspreidingsgebieden overlappen.
Mengzangers komen voor. Lijkt veel op Nachtegaal, maar gemiddeld iets
minder roodbruin getint op staart en stuit, tint grijzer op bovenzijde,
en doorgaans met duidelijkere grijze gemarmerde tekening op benedenkleed
en borst (maar deze kenmerken zijn moeilijk te beoordelen in het veld).
Tijdens stille nachten vaak op kilometers afstand te horen: zang is
meer luid dan mooi (maar wel bijzonder!).
Trek
Zomergast, overwintert in Afrika.
Aantallen
In Nederland dwaalgast, thans jaarlijks, vooral in
mei-juni (zingend) en augustus-september (ringvangsten)