Vale VleermuisMyotis myotis

Vale Vleermuis (Myotis myotis)
foto: Rollin Verlinde

Data
lengte: 6 - 8 cm
spanwijdte: 35 - 43 cm
gewicht: 28 - 40 g
Frequenties
30 à 70 kHz
Biotoop
Vooral bij gebouwen, zolders en schuren. Voor de winterslaap worden grotten en groeven opgezocht. Kalksteengroeven, droge zolders en oude spoorwegtunnels kunnen als kraamkamer dienen.
Voedsel
Insecten die in vlucht gevangen worden. Deze grootste Europese vleermuis is direct te herkennen aan zijn langzame, zwoegende vlucht.
Voortplanting
In de grote kraamkolonies werpen de wijfjes in mei-juni hun jong (soms een tweeling), dat na twee maanden zelfstandig is. De mannetjes leven in die tijd solitair, maar aan het einde van de zomer vormen zich weer grote, gemengde kolonies.
Gedrag
De vale vleermuis vertoont trekbewegingen; soms legt hij tussen zomer- en winterkwartier afstanden van 200 km of meer af. Zijn winterslaap houdt hij meestal alleen; soms is hij bezaaid met condensdruppeltjes.
Kenmerken
Naakt, roze gezicht en grote, brede oren. De bovenzijde van het dier is roodachtig bruin, de onderzijde vuilwit. Er is een scherpe scheidingslijn tussen boven- en onderzijde.
Aantallen
In Nederland bereikt hij zijn noordgrens, maar in onze streken wordt hij vrijwel nooit meer waargenomen en in het gehele verspreidingsgebied is hij trouwens zeer sterk in aantal achteruitgegaan. De hoofdoorzaak hiervan is de bestrijding van insecten door boeren en bosbouwers, waardoor de vleermuizen van hun prooi worden beroofd. Daarnaast spelen vermoedelijk ook het bespuiten van zolders tegen houtworm en het ontoegankelijk maken van mogelijke zomerkwartieren in hoge gebouwen een belangrijke rol.