lengte: 110 - 150 cm
schouderhoogte: 70 - 100 cm
gewicht: 80 - 120 kg
Biotoop
Sikaherten komen in naaldbossen voor, maar geven de voorkeur
aan gemengde bossen met een ondergroei van struikgewas.
Voortplanting
De paartijd valt tussen eind september en begin november.
Bronstige mannetjes markeren hun territorium door met hun gewei tegen struikgewas
te slaan en langs boomschors te vegen, waardoor schilschade ontstaat. Met
rivalen wordt strijd geleverd om de hinden en er worden harems gevormd.
Indien één of beide rivalen het gewei kwijt is, wordt een
geschil door boksen met de voorpoten in plaats van stoten met het gewei
beslecht. Na de bronsttijd leven de dieren tot maart in gemengde roedels,
waarna de geslachten zich scheiden. Na een draagtijd van 7 en een halve
maand brengt het wijfje in mei of juni één kalf (of twee)
ter wereld, dat zijn moeder overal volgt of in het gras verscholen ligt.
De witte vlekken op zijn vacht verdwijnen na enkele maanden.
Gedrag
Sikaherten zijn het actiefst in de ochtend- en avondschemering,
wanneer ze de dekking van de ondergroei verlaten om te grazen. Als ze onraad
bespeuren, wenden ze onmiddellijk de kop naar het gevaar toe en gaan hun
spiegelharen rechtop staan, zodat de vlek sterk opvalt. Het is een alarmsignaal
en tevens gids voor andere herten bij het vluchten. Het burlen van een sikahert
is duidelijk te herkennen - het klinkt als luid gefluit en wordt verscheidene
malen herhaald. Dikwijls eindigt het in een gebrul
Kenmerken
Het sikahert heeft een kastanjebruine, gevlekte, glanzende
zomervacht. De oren zijn afgerond en lichte en donkere haren op het voorhoofd
vormen een soort frons. De witte staart vertoont vaak een donkere streep
en de witte spiegel is donker omrand. De hinde is iets kleiner dan het hert
en is geweiloos. 's Winters is de vacht grijsbruin, met een opvallende spiegel.
De geurklieren steken kussenvormig aan de achterpoten uit. Tijdens de bronsttijd
verhaart de zomer- in een wintervacht. Het hert behoudt de hele winter zijn
manen.
Aantallen
Anders dan zijn nauwe verwant het edelhert is het sikahert
oorspronkelijk geen Europese soort. Het werd ongeveer een eeuw geleden in
ons werelddeel ingevoerd. Sindsdien is het hier in diverse landen, zoals
Engeland, Ierland, Frankrijk en Duitsland, verwilderd. Het hoort thuis in
oostelijk Azië -Japan, China en de Sovjet Unie. Door hun nauwe verwantschap
kruisen sikahert en edelhert met elkaar en brengen dan vruchtbare jongen
voort. Op plaatsen waar beide soorten voorkomen, wordt dus de raszuiverheid
van het edelhert bedreigd.